| De oplaadindicator brandt niet meer, maar de oplaadbare li-ionbatterij batterij is nog niet volledig opgeladen. | Het opladen is onderbroken omdat de oplaadbare li-ionbatterij batterij te heet of te koud is geworden. Wacht even en probeer de oplaadbare li-ionbatterij later opnieuw op te laden. |
| Het oplaadlampje gaat rood knipperen. | De oplaadbare li-ionbatterij is niet opgeladen. Controleer of de netspanningsadapter op het laadstation is aangesloten. Veeg de contactpunten van het laadstation en de oplaadbare li-ionbatterij met een droge doek schoon. Vervang de oplaadbare li-ionbatterij batterij door een nieuwe. |
| De printer wordt niet ingeschakeld als deze in het laadstation is geplaatst. | Plaats de printer op de juiste wijze in het laadstation. Controleer of de netspanningsadapter juist is aangesloten. Sluit de netspanningsadapter opnieuw aan. |
| De printer drukt niet af bij gebruik van een LAN-kabel. (RJ-3235B/RJ-3255WB) | Plaats de printer op de juiste wijze in het laadstation. Sluit de LAN-kabel op de juiste wijze aan. Selecteer de juiste driver in de Apparaten en printers. Als het laadstation is geplaatst, wordt ook het pictogram van het printerstuurprogramma door het besturingssysteem weergegeven (bijvoorbeeld: Brother RJ-:****WB (Copy 1)) in de Apparaten en printers. Zorg dat dit niet is geselecteerd. |
| De printer drukt niet af bij gebruik van een USB-kabel. (RJ-4235B/RJ-4255WB) | Plaats de printer op de juiste wijze in het laadstation. Sluit de USB-kabel op de juiste wijze aan. Als er zowel op de printer als het laadstation USB-kabels zijn aangesloten, koppel de op de printer aangesloten kabel dan los, schakel de printer uit en vervolgens weer in. RJ-4255WB: Selecteer de juiste driver in de Apparaten en printers. Als het laadstation is geplaatst, wordt ook het pictogram van het printerstuurprogramma door het besturingssysteem weergegeven (bijvoorbeeld: Brother RJ-:****WB (Copy 1)) in de Apparaten en printers. Zorg dat dit niet is geselecteerd. |