
Druk op [Borduren].

(vooruit/terugtoets) een aantal steken voor of achteruit in het patroon.
(Borduurvolgordetoets) op het bewerkingsscherm kan helpen bij het wijzigen van de borduurvolgorde. Hef de groep van het patroon op om de borduurvolgorde te wijzigen.Naai de applicatiepositie op de basisstof.


Bevestig de applicatie, uitgelijnd met het applicatiepositiestiksel.
Als er dubbelzijdige strijkbare versteviging aan de applicatie is bevestigd; strijk de applicatie op de stof.
De applicatie kan ook worden vastgezet met textiellijm of rijgsteken.

Borduur de applicatie.


Voltooi het borduren van de rest van het borduurpatroon.